Van ‘dat kan niet’ naar miljoenen robots: hoe Albert Maas met Avular de maatschappij draaiende wil houden

Van ‘dat kan niet’ naar miljoenen robots: hoe Albert Maas met Avular de maatschappij draaiende wil houden

Zeg tegen Albert Maas dat iets niet kan en de kans is groot dat hij juist wil bewijzen dat het wél kan. Tijdens zijn studie bedacht hij met twee vrienden dat ze een raceauto wilden bouwen. Het hoofd van het onderwijsprogramma zag er weinig in en vroeg of ze echt zo’n nutteloze go-kart gingen maken. Voor Albert werkte die opmerking vooral als motivatie. Anderhalf jaar later stond er een zelfgebouwde raceauto van 300 kilo en kwamen honderden studenten naar de onthulling. “Dat zijn wel een beetje mijn triggerpoints. Als iemand denkt: dit kan niet of dit is onmogelijk of dit is een domme zet, dan denk ik: ja, hoezo?”

Die houding loopt als een rode draad door zijn carrière. Van een studententeam dat elektrisch ging racen tot Avular, het bedrijf waarmee hij mobiele robots ontwikkelt. Albert wil met technologie vooral laten zien wat er mogelijk is en producten ontwikkelen die mensen en uiteindelijk de maatschappij vooruithelpen.

Albert Maas - genomineerd Changemaker Award 2026

 

Laten zien wat wél kan

Albert groeide op aan de Zeeuwse kust in een kunstzinnige familie. Zijn vader was bootontwerper en zeilmaker en zelf was hij het liefst buiten. Tegelijkertijd merkte hij al snel dat techniek en wiskunde hem goed lagen. Via het mbo ging hij naar het hbo en uiteindelijk naar de universiteit, steeds op zoek naar meer uitdaging.

Daar kwamen zijn technische en creatieve interesses steeds sterker bij elkaar. De raceauto die hij tijdens zijn studie bouwde, is daar een goed voorbeeld van. Later startte hij aan de universiteit een studententeam dat verderging met elektrisch racen. Dat team bestaat nog altijd en werkt inmiddels aan zijn zesde auto.

De ambitie is om uiteindelijk tijdens de 24 uur van Le Mans te laten zien wat elektrisch racen en snel opladen mogelijk maken. Precies dat trekt Albert aan: iets bouwen waarvan anderen zich afvragen of het überhaupt kan en vervolgens laten zien wat er wél mogelijk is. Diezelfde houding nam hij mee toen hij begon na te denken over een eigen bedrijf.

Van drones naar mobiele robots

Avular begon met drones. Albert zag mogelijkheden voor toepassingen in onder meer landbouw en inspecties. Al snel kwamen er ook klanten met ideeën waarvoor een drone eigenlijk helemaal niet de beste oplossing was. Sommige taken konden veel slimmer worden uitgevoerd door een rijdende robot. Zo werd duidelijk dat de mogelijkheden veel breder waren.

In 2018 besloot Albert opnieuw te beginnen met een nieuw directieteam en een nieuwe investeerder. Vanaf dat moment richtte Avular zich op mobiele robotica in verschillende markten.

Het bedrijf ontwikkelt eigen robotplatforms en werkt samen met organisaties die een concreet probleem met robotica willen oplossen. Zo werkte Avular mee aan een robot die ’s nachts over golfgreens rijdt en met uv-c-licht schimmels bestrijdt, waardoor minder bestrijdingsmiddelen nodig zijn. Ook werkt het bedrijf aan het autonoom maken van machines voor de wegenbouw, waar personeel steeds moeilijker te vinden is.

Volgens Albert worden die robots door de mensen die er nu werken juist met open armen ontvangen. Zij zien dat er een soort extra collega bij komt die kan helpen met het werk.

Technologie die de maatschappij draaiende houdt

De behoefte aan zulke oplossingen wordt volgens Albert alleen maar groter. In de zorg, techniek en andere sectoren zijn steeds minder mensen beschikbaar voor het werk dat gedaan moet worden. Daarnaast zijn er werkzaamheden die mensen steeds minder graag willen uitvoeren.

Robotica kan volgens hem helpen om die taken over te nemen. Hij ziet daarbij ook kansen voor de mensen zelf. Als technologie een deel van het werk uit handen neemt, kan er meer ruimte ontstaan voor werk dat beter aansluit bij iemands talenten en interesses.

Voor Albert ontstaat echte impact wanneer dat op grote schaal gebeurt. “Voor mij gaat het echt pas impact maken als er miljoenen robots in het veld staan.” Hij wil dat die robots mensen ondersteunen bij hun werk en helpen om bedrijven en uiteindelijk de maatschappij draaiende te houden.

Zover is Avular nog niet. Toch is Albert trots op het bedrijf en het team dat er inmiddels staat. Zelf ziet hij dat vooral als het begin. “Deel één is misschien gelukt, maar er zijn nog een aantal hoofdstukken die eraan mogen komen.”

We mogen vaker op ons bek gaan

Om daar te komen, vindt Albert dat Nederland en Europa anders naar innovatie moeten kijken. We zijn volgens hem te veel bezig met het voorkomen van fouten. “We hebben echt een afrekencultuur in Nederland en Europa. En dan leer je gewoon niet. Leren is ook vallen en opstaan.”

Hij kijkt daarbij onder meer naar Silicon Valley en China, waar volgens hem veel meer wordt geïnvesteerd in nieuwe technologie met de wetenschap dat lang niet ieder idee zal slagen. In Europa wordt na een mislukking juist al snel geconcludeerd dat iets blijkbaar niet werkt.

Volgens Albert zouden we veel meer ruimte moeten geven aan proberen, leren en opnieuw beginnen. “Je wil eigenlijk dat het veel meer gestimuleerd wordt dat je af en toe op je bek kan gaan.”

Binnen Avular probeert Albert die ruimte ook te geven. Nieuwe ideeën moeten uitgeprobeerd kunnen worden zonder dat vooraf al vaststaat dat ze gaan werken. Want juist door te testen, fouten te maken en daarvan te leren kom je volgens hem verder.

Een robot moet ook goed voelen

Goede techniek is voor Albert niet voldoende. Zijn kunstzinnige achtergrond speelt nog altijd mee in de manier waarop hij naar producten kijkt. Design gaat voor hem over veel meer dan hoe iets eruitziet. Materialen, details en de emotie die een product oproept zijn minstens zo belangrijk.

“Techneuten vinden design altijd iets van: ja, dat is een sausje wat het marketingteam eroverheen doet.” Albert wil het juist vanaf het begin onderdeel maken van een product.

Dat wordt volgens hem nog belangrijker wanneer robots dichter bij mensen komen. Een robot in huis hoeft bijvoorbeeld niet zo veel mogelijk op een mens te lijken. Hij ziet meer in technologie die herkenbaar een robot is en tegelijkertijd prettig voelt om mee samen te leven of werken. Iets wat ondersteunt en mensen helpt.

Meer tijd voor wat ertoe doet

Uiteindelijk gaat Alberts ambitie verder dan Avular. Hij vindt dat Europa weer meer moet investeren in technologische innovatie en sterke hardwarebedrijven, zeker nu robotica en AI steeds belangrijker worden. Voor hem gaat het daarbij niet alleen om economische zelfstandigheid, maar ook om de vraag hoe we die technologie willen inzetten.

Robotica kan volgens Albert namelijk meer betekenen dan alleen werk overnemen. “Het voelt eigenlijk alsof we het beter dan ooit hebben, maar minder tijd dan ooit.” Als robots taken kunnen uitvoeren waar steeds moeilijker mensen voor te vinden zijn, kan er juist ruimte ontstaan voor andere dingen: tijd voor passies, gezin, vrienden en meer verbinding met elkaar.

“Ik denk dat we met dit soort systemen echt naar een nieuwe fase als mensheid kunnen.”

Daar ligt voor Albert uiteindelijk de echte belofte van robotica: technologie ontwikkelen die helpt om de maatschappij draaiende te houden en mensen tegelijkertijd meer ruimte geeft voor de dingen die zij belangrijk vinden.

 

Sluit je aan!

Vul onderstaand formulier in en we nemen contact met je op