De organisatiefase
De fuik waar elke groeiende ondernemer vroeg of laat in vastloopt
Het is kerstavond. Je zit aan tafel met familie. De kalkoen is perfect, de wijn staat koud, je schoonmoeder vraagt hoe het met de zaak gaat. Je geeft een elevator pitch terwijl je eigenlijk gewoon wilt eten.
Maar je hoofd is ergens anders. Bij die offerte die nog uit moet. Bij de medewerker die vorige week zijn onvrede uitsprak. Bij de cashflow die krapper wordt nu je groeit. Je telefoon ligt omgedraaid op tafel, maar je voelt hem liggen. En je partner? Die ziet het aan je gezicht.
Als dit herkenbaar is, hebben we een schrale troost: het ligt niet aan jou. Je bent niet de enige ondernemer die dit niet onder controle heeft. Je bedrijf ontwikkelt zich naar een volgende fase en jij probeert dit aan te pakken met je oude manier van werken. Dat werkt niet langer.
Wat is de organisatiefase eigenlijk?
Op basis van een groot aantal groeiende bedrijven die hij bestudeerde, ontwikkelde Larry Greiner in de jaren zeventig zijn bekende groeimodel, gepubliceerd in Harvard Business Review. Zijn conclusie: organisaties groeien niet geleidelijk, maar in sprongen. Elke sprong brengt een crisis met zich mee. Niet omdat je faalt, maar omdat de spelregels veranderen.
Zijn model beschrijft vijf groeifasen. De meeste ondernemers starten in de pioniersfase. Alles is ad hoc. Jij bent de spil. Je kent iedereen, iedereen kent jou. Beslissingen neem je op gevoel, snel en pragmatisch. Het werkt. Je groeit.
Tot je ergens tussen de 8 en 25 medewerkers belandt. Dan begint de organisatiefase. En dan werkt wat je altijd deed ineens niet meer.
De organisatiefase vraagt om structuur, processen en duidelijke rollen. Maar jij bent nog steeds bezig met brandjes blussen, zelf klanten bellen en beslissingen nemen die je team allang zelf zou moeten maken. Je doet steeds harder wat je altijd deed. En het werkt steeds minder.
Greiner noemde dit de leiderschapscrisis. Niet omdat je een slechte leider bent, maar omdat de organisatie een ander type leiderschap vraagt dan jij gewend bent te geven.
Wat de organisatiefase met jou doet
De verschuiving is subtiel, maar ingrijpend. In de pioniersfase was je de beste medewerker van je eigen bedrijf. Je deed het werk, je sloot de deals, je loste de problemen op. Nu moet je dat werk aan anderen overlaten. En dat voelt onnatuurlijk.
Diana Destanli van bloemenwinkel De Orchidee omschrijft het treffend: “Het veranderde ineens van winkeltje spelen naar een bedrijf runnen. Het kon niet meer zoals het altijd ging.”
De symptomen zijn herkenbaar. Je bent de bottleneck in elke beslissing. Je mailbox explodeert. Je hebt geen tijd meer om strategisch te denken, want de operatie trekt constant aan je. Je team vraagt duidelijkheid, maar jij levert improvisatie.
En dan is er de identiteitscrisis. Je bent ondernemer geworden omdat je iets wilde bouwen, niet omdat je wilde managen. Vergaderingen, functioneringsgesprekken, procesbeschrijvingen; het voelt als het tegenovergestelde van ondernemen.
De fuik wordt nauwer
Hier komt het lastige. Hoe meer je bedrijf groeit, hoe dieper je in de fuik zwemt. Je agenda vol, je mailbox overvol, je hoofd loopt over en er is geen uitweg zolang alles via jou moet.
De gevolgen van niets doen zijn voorspelbaar. Je groei stagneert, of gaat ten koste van kwaliteit en marges. Goede mensen lopen weg omdat alles ad hoc blijft en ze geen duidelijkheid krijgen. Je thuisfront trekt aan de noodrem: burn-out, relatieproblemen, gezondheidsproblemen.
Onderzoek van de Universiteit Utrecht onder mkb-bedrijven laat zien wat er gebeurt als ondernemers hulp vragen aan ervaren andere ondernemers (mentoren). Bedrijven met een mentor groeien gemiddeld 8,3 procent per jaar in omzet, tegenover 5,7 procent landelijk gemiddelde. Dat verschil van 2,6 procentpunt klinkt misschien bescheiden. Maar over vijf jaar is dat het verschil tussen een bedrijf dat stagneert en een bedrijf dat verdubbelt.
Niets doen is ook een keuze. Misschien wel de duurste die je kunt maken.
Waarom dure trajecten meestal niet werken
Je kent ze wel. De businesscoaches met hun intensieve trajecten van zes maanden voor 15.000 euro. De consultants met hun PowerPoints vol open deuren. De 10X-programma’s die beloven dat je bedrijf gaat vliegen als je maar genoeg betaalt.
Het probleem is niet dat ze slecht zijn. Sommige zijn best goed. Het probleem is dat ze niet aansluiten bij wat je in de organisatiefase nodig hebt.
Wat je nodig hebt is geen stappenplan uit een boek. Wat je nodig hebt is iemand die dit al twee of drie keer heeft meegemaakt. Iemand die zegt: dit is normaal. Dit ga je voelen. En zo kom je erdoorheen.
Niels Rietman, oprichter van Vivid Green, verwoordt het scherp: “Waarom zou ik alles zelf uitvinden als ik kan leren van iemand met ervaring? Dat gaat veel sneller.”
Wat wel werkt
nlgroeit is geen coachingbureau. Het is een non-profit-netwerk waar ondernemers andere ondernemers helpen.
Meer dan 500 ervaren mentoren die hun tijd vrijwillig beschikbaar stellen. Ondernemers die de organisatiefase al hebben doorgemaakt en weten welke fouten je kunt vermijden.
Het lidmaatschap kost ongeveer 300 euro per jaar. Daarvoor mag je onbeperkt mentoren benaderen. Geen dure trajecten, geen langlopende contracten. Gewoon: een ondernemer aan tafel die de route al kent.
Christiaan Prager, eigenaar van SpecialistenNet, geeft eerlijk toe: “In het begin twijfelde ik nog over het nut van een mentor. Ik dacht dat ik dit zelf moest kunnen.” Toch waagde hij de stap. Zijn eerste mentor Mark Bos gaf hem het boek Scaling Up en liet hem een strategisch plan maken. “Elke meeting was concreet en voorbereid. We gingen niet zomaar koffiedrinken.”
Niels Rietman heeft inmiddels drie mentortrajecten doorlopen bij nlgroeit. Van Ben Kerkhof leerde hij over finance en datagedreven werken. Van René van der Zel over leiderschap en een merk bouwen. Van John-Harold Every over het klaarstomen van zijn financiële afdeling voor investeerders.
De rode draad in alle verhalen: een mentor bespaart je maanden of jaren aan mislukte experimenten. Niet door je te vertellen wat je moet doen, maar door de juiste vragen te stellen waardoor je zelf tot inzichten komt.
Dit jaar zonder buikpijn aan het kerstdiner
Als je in 2026 doet wat je in 2025 deed, krijg je precies dezelfde groeipijn terug. Misschien alleen nog wat smaller.
De organisatiefase gaat niet vanzelf over. Jij moet veranderen hoe je onderneemt. En dat doe je niet door nog een jaar langer alles zelf uit te vogelen.
Je bedrijf groeit door nu iemand naast je aan tafel te zetten die de route al kent.
Word lid van nlgroeit. Vraag meteen een mentor aan. Plan in het eerste kwartaal van 2026 minimaal twee gesprekken. Dat is alles.
Over een jaar zit je weer aan het kerstdiner. De vraag is alleen: met of zonder buikpijn?
Klaar om uit de fuik te komen?
Word lid van nlgroeit en krijg toegang tot meer dan 500 ervaren mentoren.


